Indicatie geluidsoverlast

Hier de afbeelding...

Steeds meer jongeren lopen rond met gehoorschade. De oorzaak: harde muziek op mp3-spelers en in concertzalen. Onder muzikanten is gehoorbescherming nog steeds een taboe. “Alsof ze niet willen weten dat er iets mis kan zijn”.

Door Martin Groenewold.

Pete Townshend, Phil Collins, Neil Young. In eigen land Kaz Lux, Jan de Hont en Bennie Jolink. Allemaal hebben ze in meer of mindere mate last van slechthorendheid. En tinnitus, een continue suis-, fluit- of rateltoon in één of beide oren. De oorzaak: harde muziek. “Ik heb onbewust geholpen een muziekgenre uit te vinden dat zijn liefhebbers doof maakt”, schrijft The Who-gitarist Townshend op zijn website.

Uit cijfers van het Sociaal Fonds Orkesten blijft dat vier op de tien orkest- en popmusici in Nederland last hebben van oorsuizen. Ook hyperacusis, overgevoeligheid voor geluid, komt bij deze beroepsgroep opvallend vaak voor. Reden voor de nu 64-jarige Townshend om fanatiek te pleiten voor het gebruik van gehoorbescherming. “Vooral koptelefoons zijn zeer verraderlijk”, stelt hij. “Ik voorzie enorme gehoorproblemen voor toekomstige generaties.” Die vrees wordt gedeeld door de Europese Commissie; ‘Brussel’ besloot onlangs dat mp3-spelers in de nabije toekomst worden voorzien van een begrenzing op 80 decibel.
Dr. Wiebe Horst , audioloog bij het UMCG in Groningen, is een warm voorstander van die maatregel. “Betuttelend? Dat zal best. Maar gehoorschade is een onomkeerbaar probleem. Veel jongeren denken: het zal wel meevallen. En mocht me toch iets overkomen, dan ga ik wel naar de dokter. Dat is een vals veiligheidsgevoel. De dokter kan weinig doen aan lawaaidoofheid. Het verlies van bepaalde frequenties – dat gebeurt vooral in de hoge tonen – is meestal slechts ten dele op te lossen met een hoortoestel”.

Zonder passende bescherming is ook het bezoek aan een willekeurig (pop)concert risicovol. Voor de muzikanten, maar even goed voor het ondersteunende personeel – zoals technici en barmedewerkers – en het publiek. In het arbeidsconvenant voor schadelijk geluid, opgesteld door de brancheorganisatie van werkgevers en werknemers in de podiumkunsten, is een volumegrens van 105 db(A) afgesproken ter hoogte van de mengtafel van de geluidtechnicus. Die staat doorgaans centraal in de zaal. “Zonder bescherming mag je daar ongeveer een minuut blijven staan”, zegt Horst. “Dat gelóven mensen niet als je ze het vertelt. Ook veel musici hebben grote moeite met de acceptatie van de feiten. Ze maken kunt, prachtige muziek, Dat kán toch niet slecht zijn, denken ze dan. Maar voor hun oren is het dat dus wel.”